Posts Tagged ‘Patagonië’

Tip 3 – Patagonië

Thursday, September 16th, 2010

Aan de oostkant van het Andesgebergte onder het Merengebied strekt zich de Patagonische pampa of steppe uit tot aan de Atlantische Oceaan. Een ongelooflijk fascinerend gebied met een eindeloze horizon en kaarsrechte wegen. De meeste bekende weg doorheen Patagonië is de ‘Ruta 40‘. Vanuit het noorden van het land tot helemaal aan het onderste puntje doorklieft deze legendarische autoweg de duizelingwekkend mooie landschappen.

Wie een trip naar Patagonië plant houdt best rekening met de wisselende weersomstandigheden. In de winter kan het op de vlakten barkou zijn en in de zomer is de regio berucht om zijn stormen. Het Andesgebergte in Patagonië is dan weer befaamd om zijn wispelturig karakter. Op een doorsnee dag kan je er zonder probleem te beurt vallen aan de vier seizoenen. Absolute spelbreker tijdens iedere tocht in de natuur is zonder meer de wind. Een deftige windstopper mag dus zeker niet in je bagage ontbreken. Rekening houdend met de bovenstaande feiten kan men best Patagonië exploreren in de periode van oktober tot en maart.

Het weer kan dan af en toe nefast zijn voor het reisgenot, de overweldigend mooie natuur maakt dit eensklaps ongedaan. Voor actieve reizigers en natuurliefhebbers is Patagonië de ideale regio om in Argentinië aan zijn trekken te komen. Nog meer dan ergens anders in het land word je overdonderd door het prachtig natuurgeweld.

Natuurliefhebbers kunnen tijdens hun tochten doorheen het Patagonische landschap opgeschrikt worden door ondermeer de Austral-parkiet, de bonte Tricahue-papegaai, de Picaflor austral, de Patagonische specht en de Bandurria (een geelbruine ibis). In de bosachtige gebieden kan je met een beetje geluk de zeldzame pudu, een kniehoog dwerghert, of huemel, beter bekend als het zeldzame andeshert spotten. Op de pampa’s tref je zonder enige twijfel de mara of Patagonische haas aan. Dit is een zeer grappig dier met de voorpoten van een hond, het achterlichaam van een haas, de kop van een paard en oren van een ezel. Nog een opvallende verschijning op de steppes is de nandoe of de Zuid-Amerikaanse struisvogel. Verder leven op de vlaktes nog ondermeer de Patagonische en Vuurlandse vos en poema. Het Andesgebergte wordt grotendeels bevolkt door guanaco’s, poema’s en vossen. In het luchtruim van de Andes heerst de condor. Met een maximale spanwijdte van 3m kunnen condors urenlang zweven op de thermiek zonder een enkele vleugelslag. De condor is nog vrij veel te bewonderen in de zuidelijke Andes, waar de laatste jaren een toename van het aantal vogels is geconstateerd.

Voor hikers kan Patagonië zeker en vast worden bestempeld als topbestemming. De Nationale Parken Los Glaciares en Torres del Paine (Chili) zijn niet alleen de meest gefrequenteerde, maar ook de prachtigste om een trekking in te ondernemen. In het NP Los Glaciares loopt men door een van de spectaculairste berglandschappen van Patagonië. Dit enorme gebied langs de grens met Chili bestaat voor de helft uit ijskappen en gletsjers die afbrokkelen in de grote meren Lago Argentino en Lago Viedma. In het noorden van Los Glaciares ligt El Chaltén, de uitvalbasis om je trekking door het nationaal park aan te vangen. Zowel dagwandelingen als meerdaagse trekkings kunnen hier moeiteloos worden uitgestippeld. De trekpleisters van het park zijn de bergen Fitz-Roy en de Cerro Torre, waarvan de monte Fitz-Roy met zijn 3405m hoog boven andere bergen uittorent.

Een niet te missen excursie in het NP Los Glaciares is die naar de bekendste gletsjer Perito Moreno. Minder bezocht, doch niet minder mooi is de grootste gletsjer Upsala. Deze gletsjer kent een lengte van 50m en breedte van 10km.

Het NP Torres del Paine is genoemd naar de drie markante graniettorens, de ‘Torres’, die steil uit de steppe omhoogrijzen. In het hele gebied zijn maar liefst 250km aan wandelpaden aangelegd. De paden geven je uitgebreid de kans om kennis te maken met de unieke Patagonische landschappen. Tijdens je tochten doorkruis je loofbossen, de pampa’s, beklim je het hooggebergte en passeer je langs ijskappen en meren. Een echte aanrader dus! De meest gelopen route in NP Torres del Paine is de “W”. Je kan voor deze route het best 5-dagen uittrekken. Jammer genoeg stijgen ieder jaar de bezoekers aantallen zienderogen, waardoor de ultieme wildernis ervaring van weleer een beetje achterwege is gelaten. Als oplossing overweegt men om er nog meer wandelpaden aan te leggen, als ook in het aanpalende wildernisgebied Bernardo O’Higgings. Indien je de ultieme ervaring in het NP wil beleven en ook over minder bevolkte paden wil wandelen, kan je het complete circuit in overweging nemen. De volledige tocht, inclusief extra zijpaden, brengt je in tien dagen rondom het NP.

Tip 1 – Het Zuidelijk Merengebied

Monday, September 13th, 2010

Het Merengebied geldt zonder meer tot één van de mooiste streken van Argentinië. Vreemd genoeg wordt deze regio, buiten een vluchtig bezoek aan het wandel- en skiparadijs bij uitstek San Carlos de Bariloche, door de meeste toeristen overgeslagen tijdens hun rondreis door dit Zuid-Amerikaanse land.

De pracht en praal van het merengebied werd uitvoerig in de verf gezet in de film over van Ernesto Ché Guevarra in The Motorcycle Diaries. Voor wie na dit artikel nog overtuigd dient te worden om deze regio in zijn reisschema op te nemen is deze roadmovie dan ook een absolute must.

Aangezien ik deze regio als een absolute meerwaarde beschouw voor de actieve reiziger die een reis plant in Argentinië, wordt deze in twee delen beschreven. Het onderscheid wordt gemaakt in het Zuidelijk en het Noordelijk Merengebied.

Het Zuidelijk Merengebied wordt in het zuiden begrensd door het onherbergzame Patagonië, ten westen aan de andere kant van de Andes met Chili en in het oosten met de Pampa’s van het binnenland.

San Carlos de Bariloche, de belangrijkste en bekendste stad in het Merengebied, wordt ook wel ‘Klein Zwitserland’ genoemd, vanwege zijn typiche Zwitserse uitstraling. Zowel in de zomer als in de winter is het er een aangename plaats om enkele dagen te vertoeven. In de winter kunnen de ski- en snowboarders naar hartelust de talloze pistes afglijden. Voor de Argentijnen geldt Bariloche dan ook als de hotspot voor het doorbrengen van hun wintervakantie.

Door de nabijheid van het oudste Nationale Park van Argentinië ‘Nahuel Huapi, vormt de omgeving rond Bariloche in de zomer een uitgelezen plek om een meerdaagse trekking te ondernemen. Het park heeft een tiental meren, waarvan Lago Nahuel Huapi het grootste is. De totale lengte is bijna 96 km. Bovendien telt het park meer dan acht pieken boven de 2000m, waarvan de Cerro Tronador met zijn 3478m de hoogste is. Op ongeveer 500m van de top van de Cerro Tronador kan je momenteel nog acht gletsjers bewonderen. Jammer genoeg brokkelen deze in ijltempo af en zullen ze dus binnen afzienbare tijd tot het verleden behoren.

Natuurlijk heeft het Zuidelijk Merengebied veel meer te bieden dan alleen Bariloche. Ten zuiden van deze stad liggen nog twee andere kleinere steden die zeker en vast een halte waard zijn. De eerste daarvan is El Bolson. Deze stad ligt langs de Rio Quemquentreu in een grote vallei omringd door bergen, niet ver van een prachtig turquoise blauw meer, Lago Puelo. Het gebied wordt gekenmerkt door talrijke watervallen, kabbelende beekjes en bossen, maar ook door zeer veel fruitbomen.

Als tweede halte kan Esquel tijdens je zuidelijke trip niet ontbreken. Esquel telt met het NP Los Alerces en de ‘Patagonië Express’ twee trekpleisters waarvoor de toeristen beslist minstens een tweetal dagen kunnen uittrekken. In het NP Los Alerces, genoemd naar de Alerceboom, kan je bomen zien die al meer dan 2000 jaar oud zijn. Naast deze bomen heeft dit park ook prachtige meren, beekjes, en rivieren.

De legendarische Patagonië Express, bouwjaar 1922, maalt van januari tot april nog steeds een keer per maand een deel van het traject tussen Esquel en Ing. Jacobacci. Tijdens de twee dagen durende rit heb je beslist de tijd om volop te verbroederen met je reisgezellen, te genieten van het idyllische landschap en de klassieker The Old Patagonian Express’ van Paul Theroux ter hand te nemen. Tijdens de zomermaanden is er ook een treinrit van slechts drie uur naar Nahuel Pan.